Hoofdstuk 1:
definities, werkingssfeer, karakter CAO
Artikel 1
Definities
In deze CAO wordt verstaan onder:- arbeids- en rusttijden: de arbeids- en rusttijden in de zin van de Arbeidstijdenwet;
- aspirant-uitzendkracht: de natuurlijke persoon die door de uitzendonderneming is ingeschreven als mogelijk beschikbaar voor uitzendarbeid;
- CAO-partijen: partijen bij de CAO voor Uitzendkrachten, te weten de ABU, FNV Bondgenoten, CNV Dienstenbond, De Unie en LBV;
- compensatie-uren: ingevolge artikel 27 van de CAO toegekende vrije uren of delen van uren, niet zijnde vakantie-uren. Over compensatie-uren worden geen (reserveringen voor) vakantiedagen, vakantiebijslag, kort verzuim en buitengewoon verlof en feestdagen opgebouwd en is geen wachtdagcompensatie verschuldigd;
- de CAO: de onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst, inclusief alle bijlagen en protocollen;
- detacheringsovereenkomst: de uitzendovereenkomst zonder uitzendbeding in fase A, fase B of C;
- feitelijk loon: het met inachtneming van de CAO toegekende, naar tijdsruimte vastgestelde actuele brutoloonbedrag, exclusief vakantiebijslag, toeslagen, vergoedingen, overuren, compensatie-uren etc.;
- gewerkte week: elke week waarin daadwerkelijk uitzendarbeid is verricht;
- inlenersbeloning: de rechtens geldende beloning van de werknemer in dienst van de opdrachtgever, werkzaam in een gelijke of gelijkwaardige functie als de uitzendkracht. De inlenersbeloning is samengesteld uit:
- uitsluitend het geldende periodeloon in de schaal;
- de van toepassing zijnde arbeidsduurverkorting per week/maand/jaar/periode. Deze kan - dit ter keuze van de uitzendonderneming - gecompenseerd worden in tijd en/of geld;
- toeslagen voor overwerk, verschoven uren, onregelmatigheid (waaronder feestdagentoeslag) en ploegentoeslag;
- initiële loonsverhoging, hoogte en tijdstip als bij de opdrachtgever bepaald;
- kostenvergoeding (voor zover de uitzendonderneming deze vrij van loonheffing en premies kan uitbetalen: reiskosten, pensionkosten en andere kosten noodzakelijk vanwege de uitoefening van de functie);
- periodieken, hoogte en tijdstip als bij de opdrachtgever bepaald;
- loonstrook: een schriftelijke of digitale opgave zoals bedoeld in art. 7:626 BW;
- inschrijving: de pre-contractuele fase die vooraf kan gaan aan de uitzendovereenkomst, waarbij de uitzendkracht aan de uitzendonderneming te kennen geeft mogelijk beschikbaar te zijn voor uitzendarbeid en de uitzendonderneming aan de aspirant-uitzendkracht te kennen geeft deze aan te merken als mogelijke kandidaat voor terbeschikkingstelling in de toekomst;
- opdracht: de overeenkomst tussen opdrachtgever en uitzendonderneming, die er toe strekt dat aan de opdrachtgever een uitzendkracht ter beschikking wordt gesteld;
- opdrachtgever: de derde, aan wie een uitzendkracht ter beschikking wordt gesteld door een uitzendonderneming;
- opvolgend werkgeverschap: de situatie waarbij de uitzendkracht achtereenvolgens in dienst is bij verschillende werkgevers die redelijkerwijze geacht moeten worden ten aanzien van de verrichte arbeid elkaars opvolger te zijn;
- terbeschikkingstelling: de tewerkstelling van de uitzendkracht bij de opdrachtgever;
- uitzendarbeid: de arbeid, die wordt uitgeoefend door de uitzendkracht, krachtens de uitzendovereenkomst;
- uitzendbeding: de bepaling in de uitzendovereenkomst waarbij wordt bedongen dat de uitzendovereenkomst van rechtswege eindigt doordat de terbeschikkingstelling van de uitzendkracht door de uitzendonderneming aan de opdrachtgever op verzoek van de opdrachtgever ten einde komt (zie artikel 7:691 lid 2 BW);
- uitzendkracht: de natuurlijke persoon die met de uitzendonderneming een uitzendovereenkomst aangaat;
- uitzendonderneming: de natuurlijke persoon of rechtspersoon die uitzendkrachten ter beschikking stelt van (uitzendt naar) opdrachtgevers;
- uitzendovereenkomst: de arbeidsovereenkomst als bedoeld in art. 7:690 BW, waarbij de ene partij als werknemer door de andere partij als werkgever in het kader van de uitoefening van het beroep of bedrijf van die werkgever ter beschikking wordt gesteld van een derde om krachtens een door deze aan die werkgever verstrekte opdracht arbeid te verrichten onder toezicht en leiding van de derde;
- terugvalloon: het beginsalaris als bedoeld in artikel 22 van de CAO bij twee functiegroepen lager dan de functie van de laatst beëindigde terbeschikkingstelling, verhoogd met een ervaringstoeslag die overeenkomt met de waarde van een periodiek (2,75 procent) per 52 door de uitzendkracht voor die uitzendonderneming gewerkte weken, met dien verstande dat dit loon nimmer lager mag zijn dan 90 procent van het feitelijk loon in de laatst beëindigde terbeschikkingstelling en ten minste het wettelijk minimumloon bedraagt. Het terugvalloon zal het laatstverdiende loon niet overstijgen;
- vakantiewerkers: scholieren, studenten en andere studerenden, die in aansluiting op het volgen van onderwijs gedurende de (zomer)vakantie van hun onderwijsinstelling tijdelijk werkzaamheden verrichten, en die niet aansluitend werkzaamheden blijven verrichten in dienst van de uitzendonderneming;
- verblijfsduur: de gehele periode dat een uitzendkracht bij een opdrachtgever werkt, aanvangende op de eerste dag van de werkzaamheden bij de desbetreffende opdrachtgever, onafhankelijk van de aard van de werkzaamheden en van de opdracht;
- wachtdagcompensatie: de vergoeding in de vorm van een opslag op het feitelijk loon die op grond van artikel 33 lid 4 van de CAO moet worden toegekend in de in dat artikellid genoemde gevallen;
- week: de week begint op maandag om 0.00 uur en eindigt op zondag om 24.00 uur;
- werknemersorganisaties: de werknemersorganisaties, die als partijen ter andere zijde in de aanhef van deze overeenkomst zijn genoemd.
terug in history